De ambtenaren van de verschillende diensten in Rotterdam moeten na het zomerreces in overleg met hun wethouders of bij veiligheidszaken met burgemeester Aboutaleb nog 132 door de gemeenteraad gestelde schriftelijke vragen beantwoorden. Binnen die achterstand wacht Leefbaar Rotterdam op de meeste (29) en is Nida de spekkoper met slechts één openstaande vraag.
Aan de PVV heeft het college B&W geen kind. De fractie diende sinds de beëdiging in 2018 niet één keer zelfstandig een schriftelijke vraag in. Wel tekent fractieleider Meeuwissen af en toe mee met vragen van andere partijen.
Oppositie en coalitie gaan in de gebruikelijke wachtkamer gelijk op. Beide hebben 66 vragen uitstaan. Aan oppositiekant: Leefbaar (29), Denk (14), Partij voor de Dieren (14), 50Plus (5), SP (3) en Nida (1). En aan coalitiezijde: VVD (19), Partij van de Arbeid (13), D66 (13), GroenLinks (12), CDA (7) en CU/SGP (2).
De oudste nog openstaande vraag dateert van 20 augustus 2018 (!). Die is van 50Plus en gaat over de gewenste infrastructurele verbeteringen voor fietsers: betere fietspaden, fietsparkeerplekken en de vraag of de gemeente - net als bij gebruikers van scootmobielen - iets ziet in het faciliteren van vaardigheidscursussen voor ouderen voor het gebruik van e-bikes. Daar kwam pas na elf maanden een tussenantwoord op van mobiliteitswethouder Bokhove, namelijk dat 50Plus even moet wachten op de behandeling van haar nieuwe Rotterdamse fietsvisie.
Uit 2018 staat overigens nog één andere vraag open. Onderwijswethouder Kasmi heeft nooit geantwoord op de opmerking van het CDA waarom er zoveel tegenvallende examenresultaten waren op de havo- en vwo-afdelingen van het Vreewijk Lyceum.
De twee oudste openstaande vragen van 2019 dateren van februari en maart en daar zit bouwwethouder Bas Kurvers nog steeds op te broeden. Eén over de schaarste van sociale huurwoningen in het lage segment (SP) en de niet in te vullen wens van de Partij van de Arbeid om alle huisjesmelkers zelf in hun huizen te laten wonen. Ook wethouder Kasmi zit nog op een ouwetje van maart te kauwen, nota bene één van zijn eigen D66: hoeveel cultuurplanbudget er opgaat aan vastgoed?
Koploper is wethouder Bert Wijbenga (VVD). Hij is verantwoordelijk voor de handhaving, integratie, samenleven en de buitenruimte (denk in dat verband aan de rotzooi in de stad). Hij heeft nog een wachtlijstje van 24 ‘brieven’. Maar alle zijn recent.
Zijn aantal staat overigens in schril contrast met milieuwethouder Arno Bonte van GroenLinks, die deze zittingsperiode de meeste euro’s mag uitgeven. Hij staat slechts vier vragen achter. Maar in tegenstelling tot zijn collega’s moet hij ze wel zelf beantwoorden, want voor schone lucht in Rotterdam bestaan geen ambtenaren.
Wethouder Kathmann van Economie en Wijken begint trouwens zingend aan het tweede deel van het jaar. Ze heeft als enige van de tien wethouders een schone lei. Geen vragen, terwijl er voor de burgemeester 16 resteren.