Met Pro erbij zit de armste woningzoekende niet bij voorbaat snor

9 May 2026, 19:16 uur
Columns
mainImage

De armste woningzoekende jonge stelletjes en eenpersoonshuishoudens kunnen er nog niet gerust op zijn dat er in Rotterdam de komende jaren meer woningen voor hen bij zullen komen. 

Met Pro als machtigste partij in een nieuw te vormen college van burgemeester en wethouders heerst er nu al weliswaar een sfeertje van ‘wir schaffen das’, maar wie vijf jaar of langer op zoek is naar een woning en weinig verdient, zal wellicht zeggen ‘eerst zien dan geloven’. 

Volgens het AD willen coalitiepartijen in spe - naast Pro zijn dat D66, VVD en Denk - de komende vier jaar véél meer woningen bouwen. En vooral veel meer betáálbare woningen. Volgens de vier in het Kralingse bos onderhandelende partijen moet onder betaalbaar verstaan worden: middenhuurwoningen met een huur van max. 1228 euro exclusief servicekosten of koopwoningen met prijzen oplopend tot 470.000 euro. 

Als Rotterdam dat soort woningen gaat bouwen, is één ding zeker: ze zijn niet betaalbaar voor die minst bedeelde woningzoekenden. 

Hun enige kans op het vinden van voor hen wél - nog enigszins - betaalbare woningen ligt in het sociale segment. Huur max. 932 euro. Maar hoeveel er daarvan komen? En welk percentage van de totale bouwproductie in dat goedkoopste segment gaat worden gerealiseerd, zijn vragen waarvan normaliter het antwoord komt te staan in het toekomstige coalitieakkoord van Pro, D66, VVD en Denk. 

Om een eerlijk antwoord te krijgen moet in dat akkoord dus ook duidelijk worden vermeld wat voor sóórt sociale huurwoningen de vier partijen de komende vier jaar in de stad gebouwd willen zien gaan worden. Want er zijn verschillende soorten sociale huur. 

Voor die minst bedeelde koppels, die al jaren op de wachtlijst voor een woning staan en graag een gezinnetje met kinderen willen stichten, biedt het geen duidelijkheid als Pro, D66, VVD en Denk in hun - in voorbereiding zijnde - coalitieakkoord alle soorten sociale huur op een hoop gooien. 

Met het opscheppen over een zogenaamd gigantisch hoge bouwproductie sociale huur, dankzij het meetellen van studentenwoningen en flexwoningen, heeft de gemeente  de afgelopen jaren weinig vrienden gemaakt. Zeker niet bij de doelgroep. Zij heeft van al die mooiweerverhalen weinig tastbaar profijt gehad. 

Teneinde nieuwe teleurstellingen te voorkomen een tip aan informateur Diederik Samson: maak s.v.p. duidelijk hoeveel eengezins- en meergezinswoningen in de sociale sector de coalitie de komende vier jaar gebouwd wil zien worden, opdat iedereen weet waar hij aan toe is. Schenk klare wijn. En doe dat ook als het gaat om de geambieerde grote aantallen studentenwoningen, flexwoningen, alsmede de betaalbaar geachte middenhuurwoningen en koopwoningen tot 470.000 euro.  Dan kunnen we aan het einde van de rit, in 2030, beter beoordelen wat er van alle ambitieuze plannen terecht is gekomen. 

De ervaring van de afgelopen jaren geeft overigens weinig vertrouwen. Sinds 2020 is het aantal sociale huurwoningen in Rotterdam met ruim duizend gedaald. Eind 2024 bleef de teller steken op 117.814. 

In die periode, waarin tot 2022 ook PvdA en GroenLinks (het huidige Pro) enthousiast meejuichten over de bouwproductie van sociale huur, nam de omvang van deze goedkoopste woningvoorraad af. Dat kwam omdat woningcorporaties grosso modo meer woningen verkochten, liberaliseerden en sloopten dan dat zij er nieuwe voor terugbouwden. 

Het zou welkom zijn als Samson in het coalitieakkoord daar ook aandacht aan besteedt. Prognotiseer hoeveel er door sloop, verkoop en liberalisatie de komende vier jaar verdwijnen. Dan valt te becijferen of er onder aan de streep sprake zal zijn van een toename van de sociale voorraad dan wel dat de omvang daarvan toch maar gewoon blijft afnemen.