Dagblad010 | Ja, Tim, het is al goed . .

Ja, Tim, het is al goed . .

mainImage

Mijn fractiegenoten zullen weer plagend rollen met hun ogen, ‘ja Tim, het is al goed’, maar ik doe alsof ik het me niet aantrek en schrijf mijn semi-intellectuele gemijmer hier toch op: wij leven in een tijd waarin steeds meer politici zich groter lijken te voelen dan de kwetsbare instituties die ze in bruikleen hebben. Bevoegdheden worden opgerekt. Rollen overschat. Wijsheid in de wind geslagen.

Ga maar even zitten.

Tweede Kamerleden die op de stoel van de rechter gaan zitten, Eerste Kamerleden op die van de Tweede Kamer, en gemeenteraadsleden op die van de kiezer. Handelingen van ooit nette bestuurslichamen worden besmeurd met in lelijke woorden tot uitdrukking gebrachte persoonlijke ergernissen en regelrechte driftbuien. Men voelt zich er vrij toe. Dat is de crux. Men voelt niet de minste aandrang om zich aan wat eens een hogere standaard was te conformeren, want de hoogste standaard is tegenwoordig het ongefilterde ik.

Zelfs basale hoffelijkheid en de erkenning van evidente feiten moeten ervoor wijken. De zetel vertegenwoordigt geen ambt meer waaraan je je ten dienste stelt, maar een megafoon om je eigen dikke ik mee aan anderen op te dringen. Politici zien kiezers boos zijn en denken: dat kan ik beter, in plaats van: daar ga ik mee aan het werk.

Even de schouders los. Want het is helaas gewoon, maar nog niet de gewoonte.

Dat kan je zien aan hoe, ik sta mezelf één Duits woord toe, fabelhaft ons land er zowel in werkelijkheid als getal nog steeds bij ligt. Daaraan zie je dat achter al het getetter door heel veel politici hard wordt gewerkt. Meters beleidsnota’s, financiële stukken en juridische bijlagen worden doorgeploegd en in urenlange vergaderingen, onder tl-licht, op een slechte stoel en met kannen vol steeds muffere koffie en schoteltjes met weekoude koekjes, secuur en in alle ernst besproken. Er niet gillend gek worden zou voor de meeste tijdgenoten al te veel gevraagd zijn, om van het leveren van een serieuze, doordachte bijdrage maar niet te spreken. Maar hier gebeurt het.

Iedereen die na een vakantie in den vreemde in Nederland thuiskomt en zich verwondert over hoe meticuleus ons land toch is verzorgd en georganiseerd, moet daarvoor niet de theatermakers in de media, maar al die politici in deze zaaltjes op het provinciehuis en het hoofdkantoor van het waterschap eens danken. Laten we dat eens doen, en ze eens het respect geven dat ze verdienen, door ten minste allemaal voor de verkiezingen waar zij op de lijsten staan te gaan stemmen. Dat kan volgende week woensdag. Een stemadvies zal ik hier niet geven, maar op twee mensen wil ik u wel wijzen. Twee mensen, namelijk, die het integere, dienstbare leiderschap dat ik bedoel al vele jaren belichamen. Zoekt u maar eens op: Jeannette Baljeu voor de provincie en Jock Geselschap voor het waterschap.