Rotterdam als stad van dans, muziek en letteren. Rotterdam als houvast voor aanstekelijke levendigheid. Kroegjes, bruin of modern. Festivals, groot of klein, het zijn triomfen van een onberispelijke avond en de nacht.
Zichtbaar jezelf zijn in een vitale stad. Dat is wat wij willen. Rotterdam als festivalstad waar mensen zichzelf mogen laten zien zoals ze zijn. Dat vraagt om ruimte. Maar ook om taal die recht doet aan cultuur, creativiteit en verbinding.
Soms zit de betekenis niet in de grote lijnen, maar in één woord. Soms in een mooi woord, met de punt op de i. Soms met een mooi woord, goed bedoeld, maar niet begrepen. Want wat bij een festival of parade voor de één ‘verkleden’ lijkt, is voor de ander cultuur, identiteit en expressie. In een stad die festivalstad wil zijn, doen woorden ertoe, juist in hoe we over elkaar schrijven.
“Liefst verkleed”, schreef Dagblad010 bij een opsomming van mijn culturele passies. Luchtig bedoeld, want ik weet wie het schreef. Toch schuurt het. Want wat voor de één ‘verkleden’ lijkt, ik kan het niet genoeg herhalen, is voor de ander cultuur, identiteit en geschiedenis.
Rotterdam is een stad van vele gemeenschappen. Van mensen die hun herkomst, trots en creativiteit niet alleen uitdrukken in woorden, maar ook in kleding, kleuren, stoffen en vormen. Kleding is geen gimmick. Het is een taal. Een manier om te laten zien wie je bent, waar je vandaan komt en waar je voor staat.
Er zijn in deze stad prachtige festivals waar iedereen zichtbaar zichzelf wil zijn. Waar expressie geen uitzondering is, maar de norm. Waar verschillen niet worden uitgevlakt, maar gevierd. Wie dit reduceert tot verkleden, maakt iets kleins van iets groots. Alsof expressie vrijblijvend is. Alsof cultuur pas serieus wordt als die past binnen een bekend kader. Maar cultuur leeft juist op straat, in parken, op festivals, op lichamen. In zichtbaarheid. Waardoor ‘verkleden’ het verkeerde woord is.
Het verdwijnen van een festival raakt meer dan de evenementenkalender. Het raakt hoe we kijken naar culturele expressie en hoe media en stad samen verantwoordelijkheid dragen voor een levendig Rotterdam. Festivals als Crazy Sexy Cool waren geen verkleedpartijen. Het waren plekken van ontmoeting, creatief ondernemerschap en culturele uitwisseling. Plekken waar Rotterdammers zichzelf konden zijn zichtbaar, hoorbaar en trots. Als Rotterdam een festivalstad wil zijn, een levendige stad, dan is dit het moment om ook als media en journalisten die ambitie te omarmen. Door de kloof te dichten. Door nieuwsgierigheid op te zoeken. Door niet te labelen, maar te vragen. Niet te duiden van een afstand, maar samen te ontdekken wat iets betekent voor de stad en haar mensen. Van journalisten vraag ik daarom niet om voorzichtigheid, maar om verdieping. Verdieping in de Rotterdammers over wie wordt geschreven. Want woorden doen ertoe. Ze maken werelden groter of kleiner.
Het wegvallen van een festival is een verlies voor Rotterdam. Maar het gesprek over hoe we cultuur zien, benoemen en waarderen, is minstens zo belangrijk. Laten we dat gesprek blijven voeren. Scherp, open en met respect voor de inhoud.
Joan Nunnely is raadslid van D66 Rotterdam