De Partij voor de Dieren kwam zaterdag in actie tegen leegstand in Rotterdam. De partij vraagt aandacht voor de vele leegstaande panden in de stad. “In Rotterdam staan 17.000 woningen leeg, daar kunnen zeker wel 20.000 mensen wonen. Voor jongeren betekent dit vaak: jarenlang thuis blijven wonen, tijdelijke antikraak of torenhoge huren,” zegt Sam van Leeuwen, kandidaat nummer 3 van de Partij voor de Dieren bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart.
Meer dan 9.000 panden zijn in handen van particuliere eigenaren. Sommige staan al 20 jaar leeg. Het pand aan de Putselaan, waar Partij voor de Dieren de actie organiseerde, staat al drie jaar leeg door slepende onderhandelingen tussen gemeente en eigenaar. Ondertussen kan er niemand wonen. “Het is enorm frustrerend,” aldus Van Leeuwen. “Je wilt studeren, werken, een leven opbouwen – maar zonder woning sta je meteen 3-0 achter.”
Dat er zo veel huizen leegstaan heeft vooral te maken met politieke keuzes, zegt de Partij voor de Dieren. “Wonen is jarenlang overgeleverd aan de markt. Dat betekent dure nieuwbouw, veel minder sociale huur en leegstand die niet wordt aangepakt. Huizen zijn er om in te wonen, niet om winst op te maken,” zegt Van Leeuwen.
De partij wil dat er strenge maatregelen komen tegen speculatie met woonruimte en leegstand. Zo moet er een zelfbewoningsplicht komen en een belasting op leegstand. Hierdoor worden langdurig leegstaande panden weer beschikbaar voor woningzoekenden.
Woningen voor iedereen
Rotterdam moet volgens de Partij voor de Dieren weer betaalbaar worden voor iedereen. Zodat iedereen hier een toekomst op kan bouwen. Dat vraagt om meer duurzame en betaalbare woningen. De gemeente moet volgens de partij de regie weer terugpakken om de woningmarkt te reguleren. Bestaande woningen moeten goed worden onderhouden en ook in nieuwe woningbouwplannen moet de gemeente meer sturen op echt betaalbare huur- en koopwoningen. “Als jongeren de stad verlaten omdat ze hier niet kunnen wonen, raakt dat de hele stad,” stelt Van Leeuwen.