Ontwikkelingssamenwerking moet op de schop. Dat adviseert de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV). "Het traditionele donor-ontvangermodel is achterhaald in een wereld waarin economische en politieke macht steeds breder is verdeeld", schrijft de AIV.
De raad pleit voor een nieuwe manier van internationale samenwerking waarbij wordt geïnvesteerd in vier transities waarmee alle landen te maken hebben, zoals naar brede welvaart, duurzame vrede en een leefbare planeet. Daarvoor is het volgens de AIV onder meer nodig dat Nederland minder bezig is met eigen projecten, maar meer aansluit bij de plannen van partnerlanden.
"De wereld waarin de ontwikkelingssamenwerking vorm kreeg, bestaat niet meer", aldus AIV-voorzitter Bert Koenders. "Zowel Nederland als landen in het mondiale Zuiden staan voor grote uitdagingen op het gebied van werkgelegenheid, AI, energie, klimaat en conflicten. Die moeten we samen aanpakken, met veel meer aandacht voor de prioriteiten en ongelijke uitgangsposities van partnerlanden", vervolgt hij.
De raad wijst erop dat het mondiale Zuiden, waarmee ontwikkelingslanden en opkomende economieën worden aangeduid, meer opties heeft qua internationale partners door de opkomst van onder meer China en India. Het is volgens de raad daarom zaak dat Europa de internationale samenwerking "grondig vernieuwt", om niet aan "geloofwaardigheid en invloed" te verliezen. Dat zou niet alleen de strijd tegen armoede ondermijnen, stelt de AIV, "maar ook de geopolitieke positie van Europa, dat juist sterke, geloofwaardige partnerschappen in het mondiale Zuiden nodig heeft voor welvaart, veiligheid en de internationale rechtsorde".
Door: ANP