De Rotterdamse kandidaat-wethouder Miriam Harika heeft dinsdagavond voor het eerst publiekelijk gereageerd op de kritiek die de afgelopen weken is ontstaan rond haar voordracht. Tijdens een extra raadsbijeenkomst zei zij dat de berichtgeving haar en haar gezin heeft geraakt, dat de kritiek pijn doet, maar dat zij het belangrijk vindt dat er ruimte is voor kritische controle.
Harika ligt onder vuur vanwege haar rol als directeur Toezicht en Handhaving van de gemeente Rotterdam. De gemeentelijke ombudsman adviseerde eerder haar niet te benoemen als wethouder vanwege zorgen over haar optreden bij problemen binnen de organisatie. Harika stelt dat zij de afgelopen jaren juist heeft gewerkt aan het verbeteren van de sociale veiligheid en de organisatiecultuur. Volgens haar is de toename van meldingen een teken dat medewerkers meer vertrouwen hebben gekregen om misstanden te melden.
De kandidaat-wethouder ontving daarnaast steun van een groep handhavers en leidinggevenden, die haar inzet voor cultuurverandering onderschrijven.
Het Rotterdamse college besluit woensdag welke vertrouwelijke informatie over Harika aan de gemeenteraad wordt verstrekt. Later die dag vergadert de raad op verzoek van Leefbaar Rotterdam en de ChristenUnie in een extra bijeenkomst, die naar verwachting grotendeels achter gesloten deuren zal plaatsvinden.