mainImage

Nourdin-Nida wil niks met Kuzu-Denk

Afbeelding is niet meer beschikbaar
17 juni 2018, 01:29 uur
Politiek

Nurullah Gerdan, voorzitter van het door de islam geïnspireerde Nida in Rotterdam, heeft elk vertrouwen in zijn broedermoslimpartij Denk verloren sinds diens voorman Tunahan Kuzu op eigen initiatief de leden van Nida opriep om hun bestuur op te porren met elkaar fuseren.
Nida ziet dat als vals spel en een poging tot overname. Het bestuur van Nida heeft vandaag dan ook in een brief aan zijn leden laten weten dat het ‘geen enkele behoefte heeft en geen enkele aanleiding ziet om met Denk te fuseren.’
RTV Rijnmond heeft die brief mogen inzien.

Het standpunt van Nida is nauwelijks een verrassing. Het botert tussen Nida en Denk al niet sinds het tussentijds vertrek van raadslid Aydin Peksert uit de fractie van Nida. Hij voerde uit eigen beweging en zonder dat fractieleider Nourdin el Ouali dit wist al ver voor de verkiezingen de eerste oriënterende gesprekken met Denk. Dat kostte hem zijn lidmaatschap en bovendien de onmogelijkheid ooit terug te keren, want hij werd geroyeerd.

Peksert maakte die manoeuvre omdat hij vernomen had geen tweede man te zullen worden bij Nida en daarmee zijn raadslidmaatschap te gaan verspelen.

Men zegt dat wanneer Perksert erin was geslaagd om Nida in Denk te laten opgaan, dat hij daarvoor - nog voor de verkiezingen – door Denk zou zijn gehonoreerd met een positie, die bij een gunstige uitslag recht zou geven op alsnog een raadslidmaatschap. Maar toen Nida hem na zijn desertie hals over kop uitrangeerde, kwam Peksert ook bij Denk niet verder dan de vijfde plek. Zelfs op de vierde plek zou hij bij aanvang kansloos zijn geweest, want die werd opgeëist door 2e Kamerlid Kuzu, die in Rotterdam woont. Kuzu wilde meepraten over een coalitie. Nu Denk daarvoor niet in aanmerking komt, is de verwachting dat hij eerdaags zijn plek zal afstaan.

De leiding van Nida zegt geen enkel verzoek van zijn leden te hebben om met Denk te gaan praten. ''Eerder het tegenovergestelde'', aldus Gerdan.

 


Foto: Digitaal Dagblad