De Partij voor de Dieren reageert kritisch op het akkoord dat PRO, D66, VVD, CDA en Volt hebben gesloten. "Dit akkoord mist de moed die deze tijd vraagt. Er worden mooie woorden gebruikt over vergroening, biodiversiteit en leefbaarheid, maar zodra er echt gekozen moet worden, wint opnieuw het oude economische gedachtegoed van eindeloze groe''.
De Partij voor de Dieren is vanaf het begin al kritisch geweest op de richting van de formatie. “PRO wilde in verkiezingstijd een zo progressief mogelijke coalitie en na de verkiezingen gingen ze gelijk aan tafel met de VVD, nog steeds een raadselachtige keuze. Dat zien we terug in hun tegenstrijdige plannen.” aldus Coşkun.
Het nieuwe college spreekt over 'vaart maken'. Volgens de Partij voor de Dieren ontbreekt echter de belangrijkste vraag: varen we wel de juiste koers?
"Je kunt nog zo hard vooruit willen, maar als je de verkeerde kant op gaat, schiet niemand daar iets mee op. Het college blijft economische groei najagen en compenseren vervolgens de schade die dat veroorzaakt. Maar eindeloze groei op een eindige planeet bestaat niet. ” zegt Coşkun.
Mooie ambities, oude keuzes
Volgens de Partij voor de Dieren spreekt het akkoord de taal van vergroening, maar ontbreken de keuzes die daarbij horen. "Er staat dat dieren een eigen waarde hebben en dat dierenwelzijn serieus wordt genomen. Maar waar zie je dat terug? Er komt geen structureel dierenrechtenbeleid, dieren krijgen geen volwaardige plek in ruimtelijke afwegingen en hun leefgebied worden structureel ingeperkt. Ecologen worden pas betrokken als de plannen voor woningbouw of infrastructuur al op tafel liggen. Dan gaat het niet meer over wat de natuur aankan, maar alleen nog over hoe de schade beperkt kan worden."
Die tegenstelling ziet de partij terug in concrete keuzes. "Het college houdt vast aan Rotterdam The Hague Airport, terwijl daar een stadsbos ruimte kan bieden aan woningen, verkoeling, biodiversiteit en gezondheid. En het college kiest voor een brug door natuurgebied de Esch, terwijl een oeververbinding met een tunnel en beter vervoer over water Rotterdam kunnen verbinden zonder unieke natuur en volwassen bomen op te offeren. Waarom waardevolle natuur aantasten als het ook toekomstgerichter kan?", vraagt Coşkun.
Ook de woningbouwvisie vindt de partij weinig vernieuwend. "Het antwoord lijkt opnieuw: méér bouwen. Terwijl progressieve architecten en stedenbouwkundigen juist laten zien dat de oplossing ook zit in anders bouwen en anders samenleven: woningen optoppen, leegstaande gebouwen transformeren, wooncoöperaties stimuleren, ruimte beter delen en buurten groener inrichten. De vraag is niet alleen hoeveel woningen we bouwen, maar hoe we een stad creëren die ook over vijftig jaar gezond, leefbaar en klimaatbestendig is voor ál haar inwoners, mens, dier en natuur."
Klimaatdrammers
De Partij voor de Dieren geeft aan de komende collegeperiode stevige oppositie te zullen voeren als échte progressieve partij. “Wij zijn het groene geweten in de raad, de echte klimaatdrammers, en zullen die rol de komende vier jaar vol overtuiging vervullen. Goede voorstellen steunen we natuurlijk, maar als dit college niet kiest voor alles wat kwetsbaar is, komen wij zelf met écht groene, compassievolle en diervriendelijke voorstellen,” aldus Pınar Coşkun.