Het Rotterdamse college van burgemeester en wethouders heeft nog geen concrete locaties in ontwikkeling voor de opvang van vluchtelingen op land ter vervanging van de opvang op schepen. De gemeente wil eerst met Rotterdammers in gesprek over de plannen. Begin november moet volgens wethouder Joan Nunnely duidelijk worden hoe dat proces eruit gaat zien.
Dat schrijft het college in antwoorden op schriftelijke vragen van Daan Hamhuis (Forum voor Democratie). Het raadslid wilde onder meer weten of de gemeente al locaties op het oog heeft voor de 2000 statushouders die volgens zijn fractie op de Silja verblijven.
Volgens het college worden voortdurend locaties aangeboden door eigenaren en samenwerkingspartners, waaronder het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). Per locatie wordt bekeken voor welke doelgroep deze geschikt is. Voor de opvangopgave onder de Spreidingswet zijn momenteel echter geen concrete locaties in ontwikkeling. Daarvoor moet het college eerst besluiten nemen.
Rotterdam wil de huidige opvang op water vervangen door structurele opvang op land. Voordat daarover verdere besluiten worden genomen, wil de gemeente weten wat inwoners belangrijk vinden bij het realiseren van opvanglocaties. Die gesprekken gaan nadrukkelijk niet over de keuze van specifieke locaties.
Het college beslist zelf waar opvanglocaties komen. Pas na die besluitvorming worden omwonenden, wijkraden en andere betrokkenen geïnformeerd en betrokken bij de uitvoering. Dat gebeurt onder meer via informatiebijeenkomsten en klankbordgroepen of beheercommissies.
Hamhuis stelde ook vragen over de veiligheid in wijken waar vluchtelingen worden opgevangen. Volgens het college functioneren bestaande opvang- en huisvestingslocaties in Rotterdam over het algemeen goed en beheersbaar. Bij nieuwe locaties wordt gekeken naar de leefbaarheid, veiligheid en draagkracht van de buurt.
Ook na de opening van een opvanglocatie blijft de gemeente mogelijke overlast en veiligheidsproblemen volgen. Daarbij wordt samengewerkt met onder meer het COA, de politie en handhaving.
Op de vraag of het college bereid is opvanglocaties te sluiten wanneer die structureel overlast veroorzaken, geeft het gemeentebestuur geen rechtstreeks bevestigend antwoord. Het college benadrukt dat problemen in eerste instantie moeten worden aangepakt met aanvullende begeleiding, toezicht, handhaving of maatregelen tegen individuele overlastgevers.