DENK Rotterdam wil van het stadsbestuur weten hoe het ervoor staat met het aantal woonwagenstandplaatsen in de stad. Raadslid Burak Doğan heeft hierover schriftelijke vragen gesteld naar aanleiding van kritiek van de Nationale ombudsman op het aanhoudende tekort aan standplaatsen in Nederland.
Rotterdam stelde in 2020 nieuw woonwagenbeleid vast. Daarmee werd het eerdere uitsterfbeleid losgelaten en moest er ruimte komen voor uitbreiding van het aantal standplaatsen. Volgens het college zijn sinds 2020 vijf extra plekken gerealiseerd. Voor de periode 2026 tot en met 2029 ziet de gemeente op twee bestaande locaties mogelijkheden voor ongeveer tien extra standplaatsen.
Doğan wil onder meer weten hoeveel standplaatsen Rotterdam in 2020 had en hoeveel dat er nu zijn. Ook vraagt hij hoeveel woningzoekenden voor een woonwagenstandplaats staan geregistreerd en wat de gemiddelde wachttijd is. Daarnaast wil DENK weten wat er terecht is gekomen van het voornemen om bestaande locaties uit te breiden en een nieuwe locatie te realiseren.
Speciale aandacht is er voor het Bijenpark in Lombardijen. Het college liet eerder weten dat uitbreiding daar ruimtelijk niet mogelijk en milieutechnisch niet wenselijk is. DENK vraagt op welke onderzoeken die conclusie is gebaseerd en of een beperktere uitbreiding is onderzocht.
De partij vraagt het college verder of de uitvoering van het woonwagenbeleid kan worden versneld en hoeveel extra standplaatsen Rotterdam tot 2030 daadwerkelijk wil realiseren.