mainImage

Woningen splitsen in Rotterdam niet verboden

Zeegers (links), Engberts en Verhoef (rechts)
18 juli 2022, 19:00 uur
Politiek, IJsselmondeNieuws, Echwel Rotterdam

door Jan D. Swart

Chantal Zeegers, de nieuwe woon- en bouwwethouder van Rotterdam (signatuur D66), heeft geen bezwaar tegen het splitsen van woningen waardoor er op één adres meer dan één persoon kan huren: maximaal twee alleenstaanden, of maximaal één huishouden plus één alleenstaande.

De raadsleden Engberts (PvdA) en Verhoef (Leefbaar) hadden het graag en bot verboden willen zien, maar die vlieger gaat niet op. Wel als het woningen zijn in het sociale segment (*). In dat geval kan een ontevreden huurder naar een gratis Huurteam stappen en klagen.

De vraag is wel: wanneer de huurder dit doet? Tijdens de onderhandeling natuurlijk nooit, want dat loopt de woningzoekende grote kans per onmiddellijk uitgeselecteerd te worden. Kandidaten genoeg.

Na het tekenen van het contract kan dat wel (tot een half jaar lang na dealdato, daarna niet meer), maar dan is de nieuwe relatie meteen verstoord. Misschien interessant voor het opmerkelijke duo PvdA-Leefbaar om hierover ook eens een standpunt te vragen aan Zeegers.

De achterliggende gedachte bij de basisvraag van de raadsleden Engberts en Verhoef is even duidelijk als begrijpelijk: "Bizar hoge huren voor piepkleine studio's voor de winst van de huisjesmelker en de kleine belegger, Rotterdam grijpt niet in". Ze kopiëren daarmee het voor klagers in het leven geroepen Huurteam, dat zich naar we aannemen gesubsidieerd in de markt houdt met forse uitspraken als: ‘’illegale splitsing’’ en ‘’geen valide vergunning.’’ Praktijk: veel geschreeuw, weinig wol.

Zeegers, tegenstander van belachelijke huren, maar in afwachting van een nieuwe wetgeving: ‘’Enerzijds kan de Huurcommissie bindende uitspraken doen over het bijstellen van een te hoge huur, maar anderzijds is het wettelijk wel toegestaan om bij aanvang van het contract (te) hoge huren te vragen. Er is sprake van contractvrijheid: verhuurder en huurder komen samen overeen wat het gehuurde is en wat de bijbehorende huurprijs is.’’

(*) In het huurecht is – dixit Zeegers - vastgelegd dat een woning in het sociale segment valt als het een waarde heeft onder de liberalisatiegrens (€763,47 in 2022). De waarde wordt berekend met het Woningwaarderingstelsel, dat werkt met een puntensysteem voor diverse aspecten van de woning. De verhuurder is in dit geval gebonden aan de huurprijs volgens dit stelsel. Het Woningwaarderingsstelsel is alleen afdwingbaar door de huurder zelf. De huurder maakt zelf de keuze om wel of niet de sociale huur af te dwingen. Ligt de daadwerkelijke huurprijs boven de liberalisatiegrens, maar ligt de gewaardeerde huurprijs eronder, dan moet de huurder dat binnen zes maanden na aanvang van het contract doen. Na een half jaar wordt de huurprijs automatisch geliberaliseerd, ook al valt de waarde volgens het puntensysteem nog in het sociale segment. Is de huurprijs lager dan de liberalisatiegrens, maar ts de huur desalniettemin nog steeds te hoog, dan kan een huurder altijd de gewaardeerde huurprijs afdwingen. Woningen boven de liberalisatiegrens mogen vrij verhuurd worden, dat wil zeggen tegen elke huurprijs die eigenaar en huurder samen overeenkomen.