De zogenoemde ‘moffenmeiden’ en hun nabestaanden zitten niet langer in de dode hoek van de geschiedenis. Door een gesprek tussen een werkgroep die hen vertegenwoordigt en staatssecretaris Paul Blokhuis (Oorlogsgetroffenen) is er ‘’een begin van erkenning” voor de na de bevrijding dikwijls vernederde, mishandelde en misbruikte groep, vinden beide partijen. Blokhuis en de werkgroep gaan nu ‘’samen kijken hoe ze die erkenning verder kunnen invullen”.

Het ministerie van Volksgezondheid van Blokhuis wil zich nog niet uitlaten over welke stappen voor verdere erkenning nodig zouden kunnen zijn. Mogelijk zal de werkgroep vragen om meer maatschappelijke aandacht voor het verhaal van vrouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog een verhouding hadden met Duitse militairen. Eerder vroeg de werkgroep premier Mark Rutte verontschuldigingen aan te bieden aan de getroffen vrouwen.

Voorzitter van de werkgroep Cuny Holthuis zegt dat het een goed gesprek was. ‘’De eerste stap naar erkenning. Wel moet er nog een duidelijke invulling komen van deze erkenning, maar daarover gaan we nog met elkaar in gesprek.’’

Eerder bood de premier van Noorwegen al haar excuses aan voor de behandeling van de ‘moffenmeiden’ na de oorlog. ‘’Vergeleken met Nederland heeft Noorwegen dat beter gedaan’’, zegt Holthuis. ‘’Hier werd er toch minder actief gereageerd op de zaak. Wellicht kunnen we de gebeurtenissen verwerken in het onderwijs. Het is belangrijk om te weten dat ook Nederlanders soms fout zaten in en na de oorlog.’’

Print Friendly, PDF & Email