Drie woonwagenbewoners die zich beroepen op dringende woningnood en als gevolg daarvan drie standplaatsen aan de Sevenaerstraat in gebruik hebben genomen, vergezelden die actie met een brief aan zowel de burgemeester als de nieuwe woningwethouder Bas Kurvers met daarin hun ergernis niet serieus te worden genomen bij het aanvragen van een huurovereenkomst.

Van de zijde van woningcoöperatie Woonbron komt volgens het drietal geen enkele actie, behalve de mededeling dat er doorverwezen werd naar de afdeling ruimte en wonen van Stadsontwikkeling. ‘’Maar’’, schrijven de woonwagenbewoners, ‘’de desbetreffende beleidsadviseur heeft te kennen gegeven dat haar agenda vol zit, dat de gemeente ook niet gaat over de huurcontracten en zij wegens vakantie pas na 27 augustus weer bereikbaar is voor afspraken.’’

De drie woonwagenbewoners, die zich van het kastje naar de muur gestuurd voelen en zich door – het expliciteit noemen van de naam van de ambtenaar met de zomer in haar hoofd – afzetten tegen de ambtelijke afschepingsindustrie, verwijzen naar de rapporten van het College van de rechten voor de mens en die van de nationale ombudsman.

‘’Het terugdringen van het aantal standplaatsen is in strijd met de wet, uitsterf- en afbouwbeleid zijn een gepasseerd station. Het is zelfs een vorm van discriminatie omdat de woonwagen een erkende woonvorm is en sinds 2014 zelfs cultureel erfgoed’’, aldus de briefschrijvers, die vinden dat iedereen mag weten dat ze de plekken hebben ingenomen en keurig voor de ruimte willen betalen. Daarom hebbenze  een kopie van hun brief gestuurd naar tal van autoriteiten, inclusief de minister van Binnenlandse Zaken.

Print Friendly, PDF & Email