De stad is een bedrijf, maar gerund door leken

mainImage
De stad is een bedrijf, maar gerund door leken

Stel dat een multinational als bijvoorbeeld Shell een directie zou hebben van willekeurig gekozen mensen. Zou winst dan haalbaar zijn en goede bedrijfsvoering mogelijk? Deze retorische vraag moeten we ons stellen als we naar het bestuur van onze stad kijken.

Is het mogelijk dat het concern Rotterdam met de grootste haven van Europa en een omzet van meer dan drie miljard door leken bestuurd wordt? Ineens is het geen retorische vraag meer, maar harde realiteit. Onze stad wordt namelijk door leken bestuurd.

Een lerares Nederlands heeft jarenlang de financiën in onze stad geregeld en een logopediste moet ineens duizenden ambtenaren aansturen? In veel steden en gemeenten worden wethouders benoemd die minder leidinggevende ervaring hebben dan een filiaalhouder van een supermarkt.

Bij het samenstellen van kieslijsten wordt zelden gekeken naar de leidinggevende capaciteiten van de toekomstige wethouders. Het gaat om politieke betrouwbaarheid en dat is iets anders dan bestuurlijke bekwaamheid.

Wethouders hebben tot doel om namens de bevolking te kijken of het belastinggeld verantwoord wordt uitgegeven en of ambtenaren zich goed van hun taak kwijten. Ervaring en kennis van de materie lijken onontbeerlijk, maar zijn dat allerminst in de werkelijkheid. In de praktijk luisteren de mensen die namens ons moeten controleren braaf naar degene die onder hun controle vallen; liefst partijgenoten die ze het meest vertrouwen.

Pim Fortuyn refereerde ooit aan een panel waarin hij zat en waar een wethouder (Haarlem) vertelde dat ze na haar benoeming werd ontboden (!!) door de hoofden van dienst, die vertelden dat als ze goed zou luisteren alles op rolletjes zou verlopen en ze vier jaar later weer zou worden gekozen. Lekkere controle!

Iedere stad heeft zijn of haar specifieke kenmerken. Rotterdam de haven. Zet daar als wethouder een havenman neer en zet op financiën een accountant of een ander financieel specialist. Benoem wethouders op hun eventuele bekwaamheid en niet op hun politieke kleur.

In onze stad zijn zes wethouders meer dan genoeg. Naast haven en financiën kunnen de portefeuilles wijken, milieu en economie, buitenruimte en sociale zaken best tot zes worden samengevoegd. Daarna volgt een open sollicitatie voor één van de zes posten.

Iedereen die zich wil kandideren kan dat doen. Ook, of juist mensen die geen politieke binding hebben. Uiteraard worden alleen serieuze kandidaten bekeken en uiteindelijk worden vier potentiële wethouders per functie aangewezen. In totaal dus vier maal zes wethoudersposten 24 kandidaten. Die krijgen via de lokale media precies evenveel mogelijkheden om campagne te voeren. Iedere kiezer kan de c.v.’s beoordelen en de sollicitaties zien en horen.  Daarna wordt gestemd; desnoods in twee ronden. Zo wordt dus door de kiezers een college gevormd. Dit apolitieke of zakencollege wordt gecontroleerd door 22 fulltime raadsleden die via het districtenstelsel – er zijn 22 wijken – op precies dezelfde wijze worden gekozen.

Omdat iedere wijk weet wie de vertegenwoordiger op de Coolsingel is, komen de problemen uit de wijken ook direct bij betrokken bestuurders.

Natuurlijk zullen belanghebbenden vele bezwaren aanvoeren tegen drastische veranderingen, maar we moeten ons – dat weten wij Rotterdammers donders goed – niet laten leiden door eventuele beren op de weg, maar door de mogelijkheden die de onvermijdelijke drastische systeemveranderingen met zich mee gaan brengen.

Gaat ’t op gemeentelijk niveau goed, dan kan het ook landelijk worden ingevoerd. Ik zou wel eens een generaal als minister van defensie willen hebben, evenals een schoolmeester op onderwijs.


Foto: Digitaal Dagblad