door Jan D. Swart

De nieuwe wethouders van Rotterdam hebben gisteren op informele wijze met elkaar kennis gemaakt.

Speciaal in scene gezet voor de liberale Bas Kurvers en Bert Wijbenga (VVD), de rooie Richard Moti (PvdA) en de gelovige Michiel Grauss (CU-SGP), immers omdat zij – in tegenstelling tot de anderen – in de afgelopen drie maanden geen deel uit hadden gemaakt van het formatieproces waarin de Partij van de Arbeid met één uitgekookt mailtje (waar Nida nog de pest over in heeft) en met tactische hulp van GroenLinks en de D66-ers Kasmi en Visser aartsrivaal Leefbaar Rotterdam buitenspel zette.

Het samenzijn was gisteren in Hoek van Holland.
Ook de inmiddels uit Singapore teruggekeerde burgemeester Aboutaleb was van de partij, alsmede gemeentesecretaris Ina Sjerps.

Het nieuwe stadsbestuur van Rotterdam bestaat uit tien wethouders. Op de grootte van het college is veel kritiek geweest. Vooral omdat de onderhandelaars van GroenLinks, D66, de PvdA en CDA zichzelf aan een portefeuille en een prachtig salaris hielpen. In Nederland kan dit straffeloos. Alleen de VVD deed aan die private banenrace niet mee. De onderhandelaars van de liberalen schoven twee andere kandidaten naar voren. Dat deed ook de CU-SGP, maar dan met één.

De werkelijkheid van het wethoudersrecord werd onvermijdelijk toen in de eindfase van de onderhandeling de CU-SGP perse een eigen wethouder wilde en zij die beschikbare post niet wilde delen met het CDA. Net als in de vorige coalitie voelden de zware Hollandse geloviogen zich heer en meester in het spel. Allemaal één. Nee, want op dat moment vonden de iets grotere partijen de wethoudersverhoudingen zoek en besloten de informateurs Duisenberg en Rosenmöller, die met een tomtom de Coolsingel hadden gevonden, de porties van de PvdA, D66, VVD en GroenLinks met twee te vermenigvuldigen.

De kosten voor de stad liepen daarmee op één middag op naar gemiddeld anderhalf miljoen per jaar. Over de zittingsperiode van een coalitie wordt dat ongeveer zes miljoen. Dat getal moet weer worden bezuinigd en dat deden de wethouders gisteren al, maar dan symbolisch.

Routinierwethouder Adriaan Visser (D66) droeg als enige een korte broek. CDA-wethouder Sven de Langen had teenslippers gekocht voor de prijs van één euro en deed net alsof hij opnieuw met de selectie van Willem II (Tilburg) op trainingskamp was en Barbara Kathmann van de PvdA had letterlijk en figuurlijk opnieuw de broek aan. De oud-partijleider van de landelijke PvdA (Wouter Bos), actief bij de Giovanni van Bronkhorst-foundation, heeft de foto ingelijst.

Van de tien wethouders zijn er zes bekenden. Judith Bokhove en Arno Bonte (ex-raadsleden GroenLinks), Said Kasmi en Adriaan Visser waren respectievelijk fractievoorzitter en oud-wethouder D66), Barbara Kathmann was na 21 maart als fractieleider PvdA opvolger van Leo Bruijn en Sven de Langen (CDA) was reeds wethouder als opvolger van Hugo de Jonge.

De vier nieuwe namen zijn:

1. De in Haarlem geboren Bert Wijbenga startte zijn loopbaan bij de politie als inspecteur om 29 jaar later af te zwaaien als hoofdcommissaris. Hij werkte in vele steden, waaronder Leiden, Almere, Amsterdam en in verschillende functies, zoals bij de recherche, wijkpolitie, noodhulp en mobiele-eenheid. In 2006 heeft Wijbenga de overstap gemaakt naar de semipublieke sector als voorzitter van de Raad van Bestuur van Woonbron in Rotterdam. Hij is als wethouder verantwoordelijk voor de portefeuilles handhaving, buitenruimte, integratie en samenleven. Daarnaast is hij locoburgemeester.

2. De in Rotterdam geboren Bas Kurvers werkte van 2009 tot 2014 als gemeenteambtenaar aan de reorganisatie van het cluster Werk en Inkomen en was daar later plaatsvervangend afdelingshoofd strategie. Nadien was hij algemeen directeur bij het werkplein Hart van West-Brabant. Hij bouwde daar afdelingen Werk en Inkomen van zes gemeenten om tot één centrale werkpleinorganisatie waaraan hij ook leiding gaf. Kurvers is als is als wethouder verantwoordelijk voor de portefeuille Bouwen, wonen en energietransitie gebouwde omgeving.

3. De in Rotterdam-Crooswijk geboren Richard Moti (PvdA) studeerde werktuigbouwkundige aan de TU in Delft, maar werd al snel politiek actief als vakbondsbestuurder bij de FNV. Die functie onderbrak hij in 2013 om een jaar tijdelijk de functie van wethouder Financiën, Dienstverlening en Organisatie bij de Gemeente Rotterdam te vervullen. Daarna keerde in het vakbondswerk terug. Moti heeft nu de portefeuille: Werk, Inkomen en Rotterdam-Zuid.

4. De in Barendrecht geboren Michiel Grauss was na zijn studies actief bij Grauss VB Advies Deloite & Touche, waar hij ervaring opdeed in het adviseren van woningcorporaties, gemeenten en provincies. Na een korte periode als intern organisatieadviseur bij de Provincie Noord-Brabant heeft Grauss zijn carrière voortgezet bij Gemeente Rotterdam. De eerste tien jaar als coördinator van het bureau integer handelen, vervolgens vijf jaar als leidinggevende bij directie Veiligheid. Voor zijn wethouderschap was Grauss afdelingshoofd Directiestaf Publieke Gezondheid Welzijn & Zorg bij Gemeente Rotterdam/GGD Rotterdam Rijnmond. Hij was tevens raadslid in Capelle a/d IJssel van 2001 tot 2018 en kreeg daarvoor een koninklijke onderscheiding. Nu is hij wethouder in Rotterdam met de deeltijdportefeuille armoedebestrijding, schuldenaanpak en informele zorg.

Print Friendly, PDF & Email