Tegen een 37-jarige man is zeven maanden cel, waarvan twee voorwaardelijk, geëist voor zijn rol in de rellen bij het Turks consulaat in Rotterdam vorig jaar maart. De Schiedammer Gokhan C. zou hard tegen het voorhoofd van een gestruikelde ME’er hebben geschopt, waardoor diens helm van zijn hoofd vloog en hij een hersenschudding opliep.

Tegen drie andere mannen eiste de officier van justitie in Rotterdam taakstraffen van elk tweehonderd uur en een maand voorwaardelijke celstraf, omdat ze de politie hebben bekogeld met voorwerpen, waaronder stenen.

De vier mannen, die niets met elkaar te maken hebben, waren alle vier aanwezig bij de massale bijeenkomst bij het Turkse consulaat, waar op de avond van 11 maart 2017 de Turkse minister van Familiezaken Fatma Kaya wilde spreken. Toen de autoriteiten dit verboden, werd de sfeer grimmig en ontstonden rellen.

Het Openbaar Ministerie (OM) gaat ervan uit dat er circa duizend mensen aanwezig waren rondom het consulaat. Op basis van camerabeelden konden van zestien mensen herkenbare strafbare feiten worden vastgesteld. Na publicatie van die beelden werden zes mensen herkend.

C. wordt beschuldigd van het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Alle vier de mannen is openlijke geweldpleging in vereniging ten laste gelegd. Het OM verwijt ze dat ze ,,nauw en bewust” hebben samengewerkt tegen de politie.

Volgens de advocaat van C. was het niet zijn opzet de ME’er te verwonden en was de kans daarop ook niet groot, omdat hij een helm droeg. Ze vroeg daarom om vrijspraak voor het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel.

De advocaat van een van de anderen erkende dat de mannen zich als een kip zonder kop hadden gedragen, maar wees erop dat ze spijt hebben betuigd. Dat deden ze opnieuw nadrukkelijk in hun laatste woord.

Tegen een minderjarige verdachte is achter gesloten deuren honderd uur taakstraf en twee weken jeugddetentie voorwaardelijk geëist. De zaak tegen een andere minderjarige verdachte wordt maandag behandeld.

Uitspraak op 15 juni.

Print Friendly, PDF & Email

Laat een reactie achter

Bron: ANP