Kopzorgen (109) – AOW-bepaling (2)

mainImage
Kopzorgen (109) – AOW-bepaling (2)

Seniorredacteur Hans Roodenburg (ex-Het Rotterdams Parool, ex-Het Vrije Volk, ex-Rotterdams Dagblad) geeft antwoord op knellende vragen van uiteenlopende maatschappelijke aard. U kunt ze hem rechtstreeks stellen op: hansroodenburg@kpnmail.nl. Of u maakt gebruik van de link hierboven: stadswacht. Het antwoord (meestal voor anderen ook van belang) leest u terug in dit digitale dagblad in de categorie: mensen. Uw naam wordt daarbij niet vermeld.


Vraag:

Wat zijn de bepalingen voor een AOW’er die een latrelatie heeft met een nog fulltime werkende jongere vriend of vriendin? Wat mag wel en wat mag niet om een korting op de AOW-uitkering voor alleenstaanden te voorkomen? We zijn drie dagen per week samen, we eten gezamenlijk vijf dagen en gaan drie weken samen op vakantie. Ik heb er veel over gehoord, maar niemand die mij een concreet antwoord kan geven.

Antwoord:

Het gaat in het geval zoals u het beschrijft om hoe de Sociale Verzekeringsbank (SVB) uw latrelatie interpreteert. Het kenmerk van een latrelatie (living-apart-together) is dat beiden een eigen hoofdverblijf in de eigen woning hebben. Zoals u het beschrijft lijkt een gezamenlijke huishouding grotendeels het geval. Dat is namelijk de norm voor de SVB.

 

 


Foto: Digitaal Dagblad