De Inspectie Justitie en Veiligheid gaat onderzoeken hoe de politie in Rotterdam en Reclassering Nederland hebben gehandeld in de aanloop naar het doodschieten van het 16-jarige meisje Humeyra. Haar 31-jarige ex-vriend Bekir E. wordt ervan verdacht haar dinsdag te hebben neergeschoten bij haar school.

Het slachtoffer had onlangs opnieuw aangifte tegen de man gedaan, wegens stalking. Op de middag dat zij werd doodgeschoten, zou ze daarover juist gaan praten met de politie.

E. had een contactverbod en stond onder toezicht van de reclassering sinds zijn veroordeling in augustus. De rechtbank legde hem toen zes weken cel op, waarvan de helft voorwaardelijk, vanwege geweld tegen Humeyra en doodsbedreigingen tegen haar en haar zus. Dat gebeurde toen het meisje de relatie had verbroken.

De verdachte was in het verleden al veroordeeld voor geweld en bedreiging, onder anderen tegen ex-vriendinnen.

De inspectie gaat kijken op welke manier de politie en de reclassering hun taken hebben uitgevoerd, tot aan het moment van de schietpartij. Ze zal ook kijken of daar nog andere instanties bij betrokken waren en of zij hun werk goed hebben gedaan.

Het onderzoek is bedoeld om lessen te trekken voor de toekomst, benadrukt de inspectie. Volgens haar moeten mensen erop kunnen vertrouwen dat instanties voortvarend optreden, juist in noodsituaties.

De voorlopige hechtenis van E. werd donderdag met twee weken verlengd.

Print Friendly, PDF & Email