Verschillende grote institutionele aandeelhouders van Unilever dreigen in opstand te komen over de manier waarop het bedrijf de voorgenomen verhuizing van het hoofdkantoor naar Rotterdam heeft aangepakt. Volgens de Britse zender Sky News zijn ze plannen aan het smeden om bij de jaarvergadering van volgend jaar tegen de herbenoeming van president-commissaris Marijn Dekkers te stemmen.

Ook zou worden gezaagd aan de stoelpoten van financieel directeur Graeme Pitkethly. Topman Paul Polman zou overigens al op weg zijn naar de uitgang bij Unilever. Volgens fondsbeheerders tegen Sky News is er grote onvrede over de aanpak van Unilever bij het promoten van de verhuisplannen en zijn ze onvoldoende overtuigd van het nut van die stap. Er werden nauwelijks steekhoudende argumenten aangedragen, zo luidt de klacht.

Eerder op de dag werd nog bekend dat opnieuw een grote Britse aandeelhouder heeft aangegeven tegen de verhuizing te zullen stemmen, dit keer Legal & General Investment Management (LGIM). LGIM is de op vijf na grootste aandeelhouder van Unilever en bezit al meer dan 25 jaar stukken van het bedrijf. De vermogensbeheerder verklaarde tegen zakenkrant Financial Times dat Unilever de Britse aandeelhouders niet voldoende heeft overtuigd waarom de verhuisplannen goed zijn.

Eerder keerden aandeelhouders M&G Investments, Aviva Investors, Columbia Threadneedle en Lindsell Train zich al tegen de plannen. Het levensmiddelen- en verzorgingsproductenconcern houdt op 26 oktober een vergadering waar Britse aandeelhouders kunnen stemmen. Daarbij moet 75 procent vóór stemmen om de plannen door te laten gaan. Een dag eerder is er een vergadering voor Nederlandse aandeelhouders waarbij minstens de helft van de aandeelhouders moet instemmen.

Als de plannen worden doorgezet, vervalt Unilever uit de hoofdindex FTSE 100 van de beurs in Londen. Daardoor zullen indexvolgers het aandeel moeten verkopen. Dat zou druk zetten op de beurskoers van Unilever en dus negatief uitpakken voor aandeelhouders.

Unilever bestaat nu nog uit twee bedrijven, één Brits en één Nederlands, die eigen aandelen uitgeven. Het bedrijf wilde die structuur versimpelen, onder meer uit kostenoverwegingen. Na lobbywerk van zowel de Britse als de Nederlandse regering viel de keuze op Nederland als locatie.

Print Friendly, PDF & Email