Een half jaar geleden kwam in mijn wijk een wethouder, die ook nu die functie weer heeft, op bezoek bij de bewoners om te peilen hoe ze stonden tegenover een extra BAVO-afdeling in hun toch al zo beproefde Oosterflank.
De belangstelling was overweldigend. Tot drie keer een propvolle zaal met bewoners, die hun mening heel graag kwijt wilden. Hun boodschap naar de wethouder was ook heel duidelijk, maar hij luisterde niet. Vandaar dat ik ook hoogst verwonderd was toen ik hoorde dat verleden week de bewoners van Ommoord en Zevenkamp de gelegenheid kregen hun zegje te doen bij het college. Het bezoek intrigeerde me, omdat ik de ervaring heb dat er sowieso niet geluisterd wordt. Waarom dan een mening vragen?

Laat ik vooropstellen dat ik het bezoek van een wethouder aan wijken om zo de kloof tussen de stad en de bevolking te dichten toejuich. Goed dat het initiatief van Joost Eerdmans een vervolg heeft gekregen, maar waarom eerst naar bovengenoemde wijken?
Is dat om contact te krijgen met de mensen die in die wijken massaal op Leefbaar Rotterdam hebben gestemd?
Is dat om die – bij het formeren van een stadsbestuur – buitengesloten kiezers te laten zien dat ze toch ook wel gehoord worden?
In dat geval was een afspiegelingscollege waarbinnen ook hun stem vertegenwoordigd kon worden beter geweest. Of zijn ze nu al aan de nieuwe verkiezingen en een campagne voor een eventuele herbenoeming begonnen?

Het bezoek roept enkele vragen op. Ten eerste over het gekozen tijdstip. Een inspraakochtend van 10.00 tot 14.00 uur. Merkwaardig, omdat op dat tijdstip veel mensen aan het werk zijn en zo dus de indruk wordt gewekt, dat werkenden er niet toe doen en hun mening niet belangrijk is.

De mensen die wel in de zaal zaten hebben eigenlijk weinig aan het bezoek gehad, omdat ze als ambtenaar of partijgenoot toch al toegang tot het college hebben. Eerdmans ging wel in de avonduren en had het soms zwaar te verduren. Zou dat de reden van het vroege tijdstip zijn? Het op die manier omzeilen van lastige vragen en het voorkomen van een groepsdynamiek die tot enige roering zou kunnen leiden?
Het lijkt er wel op, omdat het onderhoud met de wethouders aan aparte tafels plaats vond. Aan de ene tafel leek het wat joliger dan aan de andere toe te gaan, maar de stemming sloeg niet over. Ook niet tijdens de lunch, want terwijl werkend Rotterdam elders in de kantine de broodtrommel opende, werd aan de gasten van dit elitaire gezelschap een lunch voorgeschoteld.

Een andere vraag is: Waarom het hele college – alle tien – op bezoek is gegaan? Er is toch een wethouder voor de wijken. Waarom is Barbara Kathmann niet de enige woordvoerder van het college in de wijken, zodat de andere wethouders zich van hun zware taak kunnen kwijten? Of is Kathmann niet voldoende geëquipeerd om op alle vragen een antwoord te kunnen geven? Wordt de taak om naar de wijken te gaan en daar het oor te luisteren te leggen haar niet toevertrouwd? Deden de wethouders een wedstrijdje: Welke BMW met chauffeur het eerst in Ommoord aankwam? Wilden ze eindelijk allemaal iets nuttigs doen?

En laat ik iedereen voor zijn. Eerdmans had ook een dikke BMW en liet die zelfs in verkiezingstijd in de wijken voorrijden, maar wel ’s avonds, en solo, dus het initiatief is goed, maar nu, in bijna elftalvorm, belabberd uitgevoerd en op deze wijze nutteloos. Alleen bedoelt voor de bühne.

 

Print Friendly, PDF & Email